Schrif­te­lijke vragen Gemeen­telijk Riole­ringsplan 2022-2025


Indiendatum: 3 feb. 2022

Enkele ‘performance indicators’ (P.I.s) van de NAD zijn:
• A2. Geen schoon water in het riool (‘rioolvreemd water’).
• A3. Overstorten van rioolwater naar het oppervlaktewater zo veel mogelijk beperken.

Vraag 1: Onze gemeente heeft nog 29 km aan gemengd riool, waarin schoon regenwater wordt gemengd met vuil water. Hoeveel km daarvan gaat komende 4 jaar vervangen worden door een gescheiden riool teneinde bij te dragen aan P.I. A2?

Vraag 2. Klopt het dat er geen enkele van de 12 overstorten in onze gemeente in de komende 4 jaar ontmanteld gaat worden en er zelfs 1 bij komt? Zo ja, waarom is ervoor gekozen niet bij te dragen aan de P.I. A3; of tenminste voor een alternatieve oplossing te gaan in plaats van een extra overstort aan te leggen?

Vraag 3. Wat zijn de meerkosten om tijdens (reguliere) wijkrenovaties alle aanwezige gemengd riool en overstorten volledig te vervangen door een gescheiden riool of andere oplossing, waarbij alleen nog vuil water via het riool wordt afgevoerd en niet meer op het oppervlakte water geloosd kan worden (ook niet tijdens pieken)?

Vraag 4. Stel dat we de meerkosten uit vraag 3 doorrekenen in de rioolheffing t/m 2066 (analoog aan de grafieken op p. 44), en er hierbij vanuit gaan dat tegen die tijd alle wijken wel een keer gerenoveerd zijn, wat betekent dat dan voor de hoogte van de rioolheffing in 2023 en verder? Hierbij graag concrete bedragen noemen.

Vraag 5. Ten aanzien van de huidige overstorten stelt u ’de effecten van de emissie van de gemeentelijke riolering zijn acceptabel voor het ontvangende oppervlaktewater’. Hoe heeft u dit in praktijk bepaald? Of is het een aanname op basis van ‘papieren’ rekenmodellen en juridische voorschriften?

Vraag 6: Zijn er nog meer plekken waar we vuilwater op het oppervlakte water lozen in deze gemeente, zoals bijvoorbeeld nooduitlaten van openbare vuilwaterstelsels? Zo ja, hoeveel van deze plekken zijn er?

Vraag 7: Op p. 34 staat ‘Bij werken in de openbare ruimte zoals het vervangen van oude riolering is de gemeente alert op ongewenste stijging van de grondwaterstand als gevolg van het wegvallen van de drainerende werking van oude lekkende riolen’. Begrijp ik goed dat het regelmatig voorkomt dat oudere riolering al vele jaren lek is en het grondwater ter plaatse vervuild, en dat u dit een acceptabele situatie vindt? Zo ja, kunt u nader toelichten waarom u dit acceptabel vindt?

Vraag 8: Is de nieuwe inspectiestrategie zoals uitgelegd op p. 24 voldoende om voortaan alle lekken van het riool wel in een vroegtijdig stadium te ontdekken en op te lossen? Zo nee, wat is daarvoor nodig en waarom doet u dat niet?

Vraag 9: Zijn er situaties geweest, nu of in het verleden, waarbij een lek in het riool bekend is, maar deze niet meteen gedicht wordt en lang gedoogd wordt, vanwege de te maken kosten?

Vraag 10: Op p. 23 noemt u de mogelijkheid om een riool te renoveren door de binnenzijde te bekleden met kunststof, ‘relinen’ noemt u dat. Hoe vaak is dat al toegepast in onze gemeente?

Vraag 11: Is er bij ‘relinen’ onderzocht of er van deze kunststoflaag door slijtage kunststof vrijkomt in het water (bijvoorbeeld als microplastics) en wat daarvan de gevolgen voor het milieu en de volksgezondheid zijn?

Vraag 12: Op diverse plekken in het plan wordt de nadruk gelegd op betaalbaarheid van maatregelen en investeringen. Dit lijkt de belangrijkste parameter bij het daadwerkelijk invullen van ambities te zijn in dit plan, met een voorstel voor een verlaging van de rioolheffing als uitkomst. Klopt dit beeld?

Vraag 13: In hoeverre kunnen ambities op het gebied van het daadwerkelijk sluiten van de watercyclus in onze gemeente sneller gerealiseerd worden als de rioolheffing niet verlaagd wordt, maar op het oude niveau blijft gehandhaafd?

Annemieke Hulsbergen
Raadslid Partij voor de Dieren
Pijnacker-Nootdorp

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer

Betrokken persoon

Annemieke Hulsbergen

Nootdorper Annemieke Hulsbergen is raadslid van buiten de raad en zet zich in voor dierenwelzijn, een groene gemeente en duurzame energie.